maandag 23 maart 2015

De getemde beagle


Mijn laatste afspraak van de ochtend is het vaccineren van beagle Bella. Wanneer ik haar patiëntenkaart open, knipperen in vurige rode letters de woorden PAS OP! me tegemoet. Een waarschuwing voor de dierenartsen en assistentes dat ze bij deze hond extra voorzichtig moeten zijn. Tenminste als je vingers je lief zijn...

Ik ben degene die drie jaar geleden deze waarschuwing in het systeem heeft gezet en ik kan me mijn eerste ontmoeting met Bella nog goed herinneren. Het was een mooie lentedag toen de hele familie Jansen met hun nieuwe hond Bella op de praktijk langskwam. Zes maanden geleden hadden ze Bella uit het asiel geadopteerd en de hond was al gauw een onderdeel van het gezin geworden. Zeker de kinderen en de hond waren vier handen op één buik. 

Daarom was het voltallige gezin aanwezig toen Bella voor het eerst bij ons op de praktijk langskwam voor haar jaarlijkse inentingen. Assistente Daphne liet het stel de spreekkamer binnen en de beagle dribbelde vrolijk mee. Verbeelde ik het me nu of veranderde er iets in de blik van de hond toen ze eenmaal in spreekkamer stond?

Eenmaal op de behandeltafel om haar te onderzoeken, was er iets in haar gedrag wat ik niet helemaal vertrouwde. Mijn instinct had weer eens gelijk. Want op het moment dat ik haar kop wilde vastpakken om ogen, oren en gebit te inspecteren, ging Bella door het lint. Net op tijd wist ik met een sprong naar achteren mijn vingers te redden van de vervaarlijk happende kaken. 

Waar ík het misschien nog een beetje had voelen aankomen, was het gezin Jansen compleet in shock. De kinderen stonden met grote ogen van angst achter hun ouders verscholen. Was dit Bella? Had hun allerliefste hond, die nooit een vlieg kwaad deed, net écht een poging gedaan om de dierenarts met huid en haar te verslinden?

Met een snuitje en de hulp van assistente Daphne, kon ik het onderzoek afmaken en Bella alsnog vaccineren. Naderhand besprak ik met de eigenaren het voorval. Zeker weten zullen we het natuurlijk nooit, maar waarschijnlijk heeft Bella bij haar vorige eigenaresse een keer een minder leuke ervaring bij de dierenarts had gehad. 

Mevrouw Jansen is echter niet het type om zich zomaar bij dit soort situaties neer te leggen en besloot het probleem grondig aan te pakken. Met veel geduld en nog meer koekjes wist ze stapje voor stapje Bella van haar angst voor de dierenarts af te helpen. 

Nu, drie jaar later, komt Bella kwispelend de spreekkamer binnen. Maar het verschil is dat ze tegenwoordig blijft kwispelen. Ook als ze op tafel staat. Zonder moeite mag ik haar bek openen om het gebit te inspecteren. 

Al ik het stel na het consult uitzwaai, zie ik in mijn ooghoek nog steeds de rode letters in de patiëntenkaart knipperen. Die waarschuwing ga ik er maar eens uit halen. 

Nooit meer een blog missen? Volg me op Facebook!

maandag 16 maart 2015

Niet pijnlijk


In mijn werk als dierenarts word ik regelmatig geconfronteerd met heftige situaties. Zeker bij verkeersongelukken zijn patiënten soms erg toegetakeld. Ergens treed wel gewenning op, maar helemaal wennen doet het nooit. In sommige gevallen is het voor de eigenaren duidelijk dat hun dier pijn heeft, maar in andere gevallen is dat voor het baasje blijkbaar wat minder duidelijk.

Kat Pumba is dan wel niet aangereden, toch moet ik even slikken wanneer ik zie waarvoor de kat komt. Zijn eigenaresse tilt hem uit zijn hokje en draait hem met de rechterflank naar mij toe. Daar zit een grote tumor. Ik heb al eerder besproken dat het verstandig is om deze weg te laten halen. Mevrouw Veenendaal  heeft echter in het verleden een keer een kat verloren tijdens een operatie waardoor ze hier erg tegenop ziet. Daardoor blijft ze het steeds uitstellen. Ergens begrijpelijk, maar ondertussen is er in de tumor een abces is ontstaan. Vanochtend is het abces opengesprongen en nu kijk ik in een krater ter grootte van een pingpongbal. 

Met wat zachte dwang van mijn kant plannen we nu echt de operatie in. Dat ik tot deze afspraak antibiotica voorschrijf snapt mevrouw wel. Maar waarom ik Pumba pijnstillers wil geven is haar niet geheel duidelijk. "Maar ze heeft er totaal geen last van, ze eet nog en zat vanochtend te spinnen!

Ik kijk naar de tumor en het gapende gat. Dan kijk ik naar mevrouw Veenendaal om te bepalen of ze misschien een grapje maakt. Maar ze is bloedserieus. Dan is het mijn beurt om haar serieus toe te spreken: "Mevrouw, kíjk naar Pumba. Dit ziet er zeker wel uit alsof het pijn doet, toch?"

Ze kijkt naar haar kat en ik denk dat het kwartje valt.


Geen blog meer missen? Volg me op Facebook

maandag 9 maart 2015

Poeslief


Soms heb ik best wel te doen met de assistentes die bij ons in de praktijk werken. Aan de telefoon en achter de balie krijgen ze dagelijks met veel mensen te maken. Het overgrote deel zijn leuke mensen, maar er zitten soms ook vervelende figuren tussen. Mensen die onvriendelijk, denigrerend of gewoon heel erg boos zijn. De dierenarts-assistente is de eerste persoon die deze mensen te spreken krijgen, en daardoor krijgen ze soms behoorlijk wat te verduren.

Dat is al heel vervelend, maar het gebeurt niet zelden dat deze mensen opeens heel anders reageren wanneer ze vervolgens een dierenarts aan de lijn krijgen. In de meeste gevallen vertelt deze precies hetzelfde, maar tegen de dierenarts zijn ze dan opeens poeslief. Zo ook afgelopen vrijdag...


Ik zit achter de computer mijn patiëntenkaarten bij te werken, wanneer er vanuit de wachtruimte opeens een stemverheffing klinkt. Ik loop richting de deur maar besluit eerst eens even te luisteren wat er gaande is.

Het blijkt een klant te zijn die zomaar antibiotica voor zijn hond wil ophalen. Als assistente Annika hem rustig probeert uit te leggen waarom dit niet kan, schiet hij uit zijn slof. Mijn arme collega wordt uitgemaakt voor alles wat mooi en lelijk is.

Ik besluit dat het te gortig wordt en wil de wachtkamer instormen om deze man te vertellen dat we zo niet met elkaar omgaan. Maar net op dat moment zegt de assistente - nog steeds verrassend beheerst - "Ik ga wel even een dierenarts halen".

Twee tellen later staat ze in mijn spreekkamer. Nadat ze het verhaal heeft uitgelegd blijft zij in de spreekkamer achter en loop ik naar de wachtruimte waar de man nog steeds met een verhit hoofd bij de balie staat. Niet wetend dat ik net zijn hele tirade tegen de assistent woord voor woord heb meegekregen.

Met precies dezelfde argumenten vertel ik waarom hij de medicatie niet meekrijgt. Ik zet me schrap voor een stevige discussie, maar die komt niet. De man is opeens bijzonder beleefd en aanvaard zonder mokken het feit dat ik hem weiger medicijnen te geven zonder eerste de patiënt onderzocht te hebben.

Als hij zich omdraait om naar huis te gaan, kan ik het toch niet laten. Ik wens hem een fijne middag en zeg dan op zoete toon: "Oh, en wilt u de volgende keer ook wat respectvoller tegen mijn collega's zijn?" De man kleurt weer rood. Deze keer niet van boosheid, maar van schaamte. En terecht!

Nooit meer een blog missen? Volg me op Facebook

maandag 23 februari 2015

Niet dood


"Mique, kun je nú even komen?" Assistente Brenda steekt haar hoofd om de deur van mijn spreekkamer. De bezorgde toon in haar stem zorgt ervoor dat ik me excuseer bij de eigenaar en direct naar achteren verdwijn.

Daar tref ik Brenda aan, zorgelijk kijkend naar een kartonnen doos. "Hij ademt nog!" zegt ze geschrokken. Normaal vind ik dat een bijzonder geruststellende mededeling maar in dit geval liggen de zaken anders.

Deze ochtend werd ik gebeld door een vrouw wiens kat 's nachts overleden was. Ze had geen mogelijkheid om de kat te begraven en crematie zag ze ook niet zitten. Ik bood haar aan dat ze de kat naar de praktijk kon brengen zodat wij het vervoer naar destructie zouden regelen.

De kat werd keurig in een afgesloten kartonnen doos bij ons afgegeven. Maar de kat is niet dood. Hij ligt roerloos in de doos maar heeft een duidelijk zichtbare ademhaling. Hoe kan dit de eigenaar niet opgevallen zijn? De vrouw is geen klant van onze praktijk, haar achterhalen is dus geen optie. Ik besluit de kat te euthanaseren, hij is toch al op sterven na dood.

Terwijl ik de injectie geef ben ik blij dat de vrouw haar kat niet zelf heeft begraven. Het idee dat hij levend onder de grond was gegaan doet me huiveren.,,


Nooit meer een blog missen? Volg me op Facebook

maandag 16 februari 2015

Typische telefoongesprekken



Hoewel de assistentes een groot deel van de tijd de telefoon aannemen, spring ik zelf ook af en toe bij als het druk is. En dan heb je zo nu en dan ook een beetje typische telefoongesprekken. Ik ben eigenlijk wel benieuwd of mensen uit andere beroepsgroepen deze gesprekken ook herkennen.

Een goede voorbereiding is het halve werk
Goedemorgen, met dierenarts Mique. Wat kan ik voor u doen?
- Ik wil graag een afspraak maken om mijn kat te laten chippen.
Geen probleem, welke dag zou goed uitkomen?
- Oh ehm goh... ja... goede vraag. Ik ga even mijn agenda pakken.

Oh, ik kan altijd
Goedemiddag, ik wil langskomen met mijn hond voor de enting.
- Dat kan, wanneer wilt u langskomen?
Oh roep maar wat, ik kan altijd.
- Geen voorkeur voor een dag of tijdstip?
Nee hoor, noem maar gewoon iets.
- Dinsdagochtend om tien uur?
Oh nee, dan heb ik al een afspraak.
- 's Avonds dan? Om half acht?
Nee, nee dat wordt ook lastig.
- Woensdag? Eind van de ochtend of 's middags. Of op donderdag?
Tsja... woensdag of donderdag, lastig... lastig... Eigenlijk kan ik alleen op vrijdag tussen tien over drie en half vier.

Het doorgeefluik
Goedemorgen, met dierenarts Mique. Wat kan ik voor u doen?
- Onze poes Mickey is ziek, we willen graag langskomen.
Ik heb zo om elf uur nog een plekje, schikt dat?

*Roept naar persoon op de achtergrond* "Henk! Om elf uur bij de dierenarts?"

- Nee, elf uur redt mijn man niet. Kan het later?
Ik heb ook nog een mogelijkheid om half twee.

"Henk! HENK! Kun je om half twee? Nee, niet half een, HALF TWEE!"

- Nee, half twee lukt ook niet. Kan het eind van de middag?
Mevrouw, is het misschien handiger als ik uw man anders even aan de lijn krijg?


Dan pas? 

Hoi, hoi, ons konijn eet al vier dagen niet en nu zegt de buurvrouw dat het niet goed is en dat we naar de dierenarts moeten.
- Klopt, het lijkt me verstandig dat u even langs komt. We hebben over anderhalf uur nog een plekje.
Wat? Over anderhalf uur? Dan pas?!

Nooit meer een blog missen? Volg me op Facebook.


maandag 9 februari 2015

Veel bloed, zweet en een paar tranen



Met een steriele operatiedoek bedek ik het blonde labrador teefje Mika die ik zo ga steriliseren. Assistente Leonore opereert mee en verzucht: "Jeetje, pas 11 maanden en nu al moddervet, dat wordt nog pittig!" Ik zucht zachtjes, want ik dacht precies hetzelfde. 

Toevallig heb deze hond twee maanden geleden op consult gehad. In een onbewaakt moment had Mika namelijk een complete kip, die op het aanrecht lag te ontdooien, verorberd. Het liep toen gelukkig met een sisser af want op de röntgenfoto bleek dat er geen gevaarlijke stukjes bot in de darmen zaten. Maar ik sprak tegen haar eigenaresse wel al mijn bezorgdheid uit over haar overgewicht en de bijbehorende gezondheidsrisico's. 

Blijkbaar heeft mijn verhaal weinig indruk gemaakt want Mika is in de tussentijd alleen nog maar dikker geworden. En behalve dat ze nu een groter risico heeft op suikerziekte, gewrichtsproblemen, complicaties tijdens de anesthesie en nog veel meer, maakt het de operatie er ook niet makkelijker op. Eerlijk gezegd zie ik er zelfs een beetje tegenop. Maar gelukkig is Leonore een ervaren operatie-assistente dus vol goede moed gaan we aan de slag. 

Na de huidsnede ploegen we ons door een dikke laag onderhuids vet heen voordat we de buikspieren in beeld krijgen. Zodra we de buikholte geopend hebben, glimt het witgele vetweefsel ons overal tegemoet. 

De eerste eierstok hebben we snel te pakken, maar het afbinden van alle bloedvaten is een crime. Door al het vet rondom de baarmoederhoornen en eierstok kunnen we de bloedvaten namelijk slecht zien. Ook zit er veel vetweefsel in de hechting waardoor het aantrekken een stuk lastiger is. Door de steriele handschoenen heen zie ik mijn knokkels wit worden als ik de hechtdraden probeer aan te trekken. En dan gaat het, ondanks alle voorzorgsmaatregelen, tóch mis. Of het vetweefsel het goed aantrekken van de knoop belemmerde, of het dusdanig glibberig maakte dat de ligatuur eraf schiet, valt niet te achterhalen. Maar diep in de buikholte ligt nu een bloedvat te bloeden. Hoewel het zweet me acuut uitbreekt probeer ik kalm te blijven en ga geroutineerd met Leonore aan de slag. Vrij vlot hebben we het bloedende vat gelokaliseerd en weten 'm alsnog goed af te binden. Met ingehouden adem verwijderen we ook de andere eierstok. 

Mika wordt gelukkig vlot wakker uit de narcose en mag al weer snel naar huis. Wanneer haar eigenaresse haar komt ophalen is ze zo opgelucht haar hond weer te zien dat de tranen in haar ogen staan. Ik vertel over de operatie en druk haar nogmaals op het hart dat Mika voor haar eigen gezondheid echt moet afvallen. De vrouw kijkt me aan en zegt: "Dus ik moet haar minder eten geven? Nee dat vind ik zielig!"

Ik slik mijn woorden in, maar denk stiekem: "Je hond willens en wetens gezondheidsrisico's laten lopen. Dát is pas zielig!"

maandag 2 februari 2015

Taboewoorden


"Nou ja, en hij zit dus eigenlijk best wel heel veel te likken aan zijn... ja ehm... zijn eh..."
"Penis?" Vul ik de stamelende eigenaar van teckel Basje aan. Wanneer hij bevestigend knikt lijkt hij zelfs een beetje rood aan te lopen.

Het verbaast me nog steeds hoeveel moeite mensen soms lijken te hebben met het benoemen van de geslachtsdelen van hun huisdier. Zelfs in de professionele setting van een consult, blijken woorden als 'penis', 'vagina' en 'testikels' vaak toch nog taboewoorden te zijn.

Daarom lijken ze vaak toevlucht te zoeken tot synoniemen. Pipi, doos, foef, jodocus, tuttie... ik heb ze door de jaren heen allemaal voorbij horen komen. Maar al die synoniemen maken het er voor mij als dierenarts er niet altijd duidelijker op. De eerste keer dat een eigenaar vertelde dat haar teefje veel aan haar 'tut' zat te snuffelen, had ik écht geen flauw idee welk onderdeel van de hond ik moest onderzoeken.

Maar van alle synoniemen die ik in de afgelopen jaren voorbij hoorde komen, vond ik 'lipstickje' als benaming voor de penis toch wel de meest aparte. Nadat ik die term voor het eerst hoorde, heb ik nog weken lang hele vreemde associaties gehad bij het zien van huidskleurige lippenstiften...


Nooit meer een blog missen? Volg me op Facebook