"Oh gelukkig! U lijkt helemaal niet op een dierenarts!" riep de mevrouw uit toen ik langskwam voor een thuis-euthanasie.
Ik beschouwde het maar als een compliment.
zaterdag 30 november 2013
vrijdag 15 november 2013
Goed kauwen!
"Nou, ik heb alles maar even meegenomen" verzuchtte mevrouw van Oostrum terwijl ze de inhoud van een plastic tasje op de behandeltafel leeg schudde. Allerhande medicijndoosjes en -zakjes kwamen uit de tas gerold. Ik had zojuist haar kat Diana onderzocht vanwege obstipatie problemen en informeerde nu naar de medicatie die ze op het moment kreeg.
Normaal zou ik dat ook in de patiëntenkaart terug kunnen vinden, maar mevrouw van Oostrum bezocht naast onze praktijk ook nog een dierenarts in een naburig dorp omdat die (zoals ze tijdens het consult al minimaal zeven keer had gemeld) "Diana al sinds kitten kende".
Terwijl ik orde in de chaos van medicijnen probeerde te scheppen viel mijn oog op een aantal grote hoekige brokken van toch zeker zo'n vijf centimeter in doorsnede. "Wat is dít?" vroeg ik verbaasd. "Dat zijn haar brokjes, die heeft de andere dierenarts -die Diana al sinds kitten ook behandeld- voorgeschreven. Die zijn wat groter zodat ze goed moet kauwen".
Vol ongeloof staarde ik naar de enorme brokken. Niet alleen omdat de arme bejaarde kat nog slechts 1 kies bezat, maar ook omdat ik me afvroeg of een kat überhaupt zulke grote brokken kan opeten. Toen ik dat echter voorzichtig tegen haar zei, bleef ze bij hoog en laag volhouden dat de andere dierenarts toch écht deze brokken had voorgeschreven.
Ik wisselde een moedeloze blik uit met de assistente, paste de dosering van Diana's medicatie aan en begon alle spullen weer terug te stoppen in het plastic tasje.
Terwijl mevrouw van Oostrum de spreekkamer verliet, stond ik nog een beetje te mijmeren hoe die arme tandeloze kat die joekels van brokken in godsnaam moest opeten. Plots draaide het oude vrouwtje zich echter om, sloeg haar hand voor haar mond en zei: "Oooh! Dat waren niet de kattenbrokken, dat zijn de brokken van de hond! Ik heb me vergist!"
Ik hoopte maar dat ze zich niet vaker vergiste bij het vullen van de voerbakjes...
Normaal zou ik dat ook in de patiëntenkaart terug kunnen vinden, maar mevrouw van Oostrum bezocht naast onze praktijk ook nog een dierenarts in een naburig dorp omdat die (zoals ze tijdens het consult al minimaal zeven keer had gemeld) "Diana al sinds kitten kende".
Terwijl ik orde in de chaos van medicijnen probeerde te scheppen viel mijn oog op een aantal grote hoekige brokken van toch zeker zo'n vijf centimeter in doorsnede. "Wat is dít?" vroeg ik verbaasd. "Dat zijn haar brokjes, die heeft de andere dierenarts -die Diana al sinds kitten ook behandeld- voorgeschreven. Die zijn wat groter zodat ze goed moet kauwen".
Vol ongeloof staarde ik naar de enorme brokken. Niet alleen omdat de arme bejaarde kat nog slechts 1 kies bezat, maar ook omdat ik me afvroeg of een kat überhaupt zulke grote brokken kan opeten. Toen ik dat echter voorzichtig tegen haar zei, bleef ze bij hoog en laag volhouden dat de andere dierenarts toch écht deze brokken had voorgeschreven.
Ik wisselde een moedeloze blik uit met de assistente, paste de dosering van Diana's medicatie aan en begon alle spullen weer terug te stoppen in het plastic tasje.
Terwijl mevrouw van Oostrum de spreekkamer verliet, stond ik nog een beetje te mijmeren hoe die arme tandeloze kat die joekels van brokken in godsnaam moest opeten. Plots draaide het oude vrouwtje zich echter om, sloeg haar hand voor haar mond en zei: "Oooh! Dat waren niet de kattenbrokken, dat zijn de brokken van de hond! Ik heb me vergist!"
Ik hoopte maar dat ze zich niet vaker vergiste bij het vullen van de voerbakjes...
donderdag 7 november 2013
God zegene de (in)greep
De spoeddiensten zijn als beginnende dierenartsen soms best nog wel spannend. Want nu sta je er opeens helemaal alleen voor. Geen collega een paar deuren verderop of een door de wol geverfde assistente die voorzichtig hint "Meestal geven we dan middel x, zal ik dat alvast even pakken?". Gelukkig werd ik door mijn collega's niet direct in het diepe gegooid. Eerst deden we samen spoeddienst en vervolgens heb ik nog lange tijd een achterwacht beschikbaar gehad.
Hoewel mijn collega's nog steeds maar een telefoontje van mij verwijderd zijn, was na een tijdje het moment gekomen dat ik zelfstandig mijn diensten ging draaien. In een van die eerste 'zelfstandige' diensten werd ik gebeld door een mijnheer wiens kanariepiet een ongelukje had gehad. Hij was ergens tegenaan gevlogen en nu hing de snavel hing volgens hem los.
In de spreekkamer bevestigde ik wat hij al had geconstateerd; de ondersnavel van Piet de kanariepiet hing er een beetje sneu bij. Een spoed-doorverwijzing naar een vogelspecialist was voor de eigenaren een brug te ver, maar zomaar opgeven wilden ze ook niet.
Dus opperde ik voorzichtig dat ik wel een poging wilde wagen om de snavel met weefsellijm weer te bevestigen, maar dat ik geen garanties kon geven over de slagingskans van deze nogal experimentele therapie. En zo stond ik even later onder het mom 'God zegene de greep' uiterst geconcentreerd het snaveltje weer op z'n plek te lijmen.
Door de drukte gedurende de rest van het weekend was ik het hele voorval al weer een beetje vergeten tot een aantal dagen later een assistente in het voorbijgaan tegen me zei: "Oh die mensen van die kanariepiet met die snavel belden nog, gaat weer helemaal goed!"
maandag 28 oktober 2013
Anatomie voor beginners
Op zaterdagochtend heeft de praktijk waarin ik werk ook een aantal afspraakmogelijkheden. Voornamelijk bedoeld voor problemen waar mensen 'niet het weekend mee in durven'.
Een man van een jaar of dertig kwam die zaterdag langs met zijn kat omdat deze rare huidkleurige bobbeltjes op z'n buik had. Terwijl ik de kat op zijn rug draaide om de buik goed te kunnen inspecteren, trok de assistente al veelbetekenend een wenkbrauw op. En terecht bleek, want de 'vreemde bobbels' die de eigenaar had gezien bleken gewoonweg de tepels van kat Dexter te zijn. Toen ik dat hem met mijn meest neutrale gezicht verteld had, verscheen een klein blosje van schaamte op zijn wangen.
Toen we de voordeur in het slot hoorden vallen, lieten de assistente en ik onze "Ach nee hoor mijnheer, dat kan iedereen overkomen" blik varen een gniffelden nog wat na om dit voorval. Maar eigenlijk ga ik zelf ook niet helemaal vrijuit... In het eerste jaar van mijn studie Diergeneeskunde hadden we een practicum over het hanteren van konijnen en kleine knaagdieren. De stoere dierverzorger die de les verzorgde vroeg aan de werkgroep hoe we het verschil konden zien tussen een mannetjes en een vrouwtjes cavia. In plaats van na te denken riep mijn 18-jarige versie "Het vrouwtje heeft tepels!". Waarop de docent langs zijn snor streek en lachend antwoordde: "Maar ik toch ook?".
Toen verscheen een klein blosje van schaamte op mijn wangen.
woensdag 23 oktober 2013
Versprekingen
Nadat hun kat Spottie op de praktijk ingeslapen was, belden we de eigenaresse later nog even terug om de verdere wensen te bespreken. Crematie, laten afvoeren door de gemeente of toch zelf in de tuin begraven.
Op de achtergrond hoorde ik haar met haar partner overleggen:
"Hee, we willen Spottie toch wel laten creperen he?"
donderdag 17 oktober 2013
Dan maar cola
Als dierenarts raak je door de jaren heen wel wat afgestompt als het gaat om bloed, pus en andere lichaamsvloeistoffen. Het blijft natuurlijk smerig maar uiteindelijk leer je toch wel om er nuchter mee om te gaan. Tot -in mijn geval- de vergelijking met etenswaren gemaakt wordt...
Zo stond ik op een doorsnee donderdagmiddag een fors bijtabces bij een kat open te leggen. Zodra ik een kleine incisie had gemaakt vloeide het met bloed vermengde pus naar buiten. "Goh, het heeft wel wat weg van die Coolbest Strawberry Dream die jij altijd drinkt" merkte de nog aanwezige eigenaar droog tegen zijn tienerzoon op.
Die avond dronk ik toch maar cola.
Zo stond ik op een doorsnee donderdagmiddag een fors bijtabces bij een kat open te leggen. Zodra ik een kleine incisie had gemaakt vloeide het met bloed vermengde pus naar buiten. "Goh, het heeft wel wat weg van die Coolbest Strawberry Dream die jij altijd drinkt" merkte de nog aanwezige eigenaar droog tegen zijn tienerzoon op.
Die avond dronk ik toch maar cola.
maandag 14 oktober 2013
Het KI incident
Eens in de zoveel tijd voeren wij op de praktijk kunstmatige inseminatie bij honden uit. Ofwel het insemineren van een teefje met door manuele stimulatie verkregen zaadcellen. "Door manuele stimulatie verkregen zaadcellen" is hierbij een prachtig eufemisme voor het feit dat je als dierenarts dus eerst de reu moet aftrekken. Ja. Dát vertellen ze je niet als je aan je opleiding begint.
En zo stond ik op een druilerige woensdagavond met een reu op tafel. De eigenaresse van de reu stond aan de andere kant van de tafel het te insemineren teefje vast te houden. Nu was het al een behoorlijk gênante situatie, maar ik had niet kunnen indenken dat het nóg gênanter zou worden...
Want op het moment suprême maakte de reu een onverwachte beweging waardoor het ejaculaat niet in het door de assistente vastgehouden potje terecht kwam. Nee, het vloog over tafel en kwakte net boven het decolleté van de eigenaresse tegen haar huid.
Met een mengeling van afschuw en ongeloof hielden de assistente en ik onze adem in. Hoe zou ze reageren? Nou, bijzonder relaxed. Terwijl de assistente en ik onze handschoenen uittrokken veegde de eigenaresse haar hals schoon, haalde haar schouders op en zei "Ach, als het van je eigen reu is, is het eigenlijk niet zo erg".
En zo stond ik op een druilerige woensdagavond met een reu op tafel. De eigenaresse van de reu stond aan de andere kant van de tafel het te insemineren teefje vast te houden. Nu was het al een behoorlijk gênante situatie, maar ik had niet kunnen indenken dat het nóg gênanter zou worden...
Want op het moment suprême maakte de reu een onverwachte beweging waardoor het ejaculaat niet in het door de assistente vastgehouden potje terecht kwam. Nee, het vloog over tafel en kwakte net boven het decolleté van de eigenaresse tegen haar huid.
Met een mengeling van afschuw en ongeloof hielden de assistente en ik onze adem in. Hoe zou ze reageren? Nou, bijzonder relaxed. Terwijl de assistente en ik onze handschoenen uittrokken veegde de eigenaresse haar hals schoon, haalde haar schouders op en zei "Ach, als het van je eigen reu is, is het eigenlijk niet zo erg".