maandag 26 september 2016

Herrie in de wachtkamer



Net als ik bloed wil afnemen bij kat Mickey, klinkt er een enorm lawaai uit de wachtkamer. Een zware mannenstem, het hoge gegil van een vrouw en het geluid van stoelen die omver gegooid worden. Terwijl ik naar de wachtkamer spurt, klopt mijn hart in mijn keel. We zullen toch niet overvallen worden?

Als ik enkele seconden later in de wachtkamer sta, zie ik een grote rood aangelopen kerel met zijn Labrador midden in de ruimte staan. Tegenover hem staat een jonge blonde vrouw met eveneens een verhit gezicht, haar Chihuahua houdt ze stevig tegen zich aan geklemd. En daartussen in staat de heldhaftige assistente Emma het briesende koppel uit elkaar te houden.

Als ik vraag wat er aan de hand is, lijkt het stel me niet te horen. Dus ik verhef mijn stem en herhaal luid mijn vraag. Dat heeft tot gevolg dat de man en de vrouw weer op vol volume beginnen te bekvechten. Uit de verwijten, die heen en weer worden geslingerd, begrijp ik dat de twee ex-geliefden zijn. Zonder het van elkaar te weten, hebben ze rond hetzelfde tijdstip een afspraak gemaakt om hun hond te laten vaccineren. Wat tot deze onverwachte confrontatie met veel drama leidde.

De rest van de mensen in de wachtkamer doet alsof ze verdiept zijn in hun tijdschrift of druk bezig zijn met het aaien van hun dier. Maar het is overduidelijk dat iedereen stiekem smult van de soap die zich voor hun neus afspeelt.

Zelf vind ik het iets minder amusant. Hoe zorg ik dat de rust in de wachtkamer weer terugkeert? Ik kan moeilijk van assistente Emma vragen of ze deze twee kemphanen de hele tijd uit elkaar kan houden totdat ik klaar ben met bloedprikken en een van de twee kan helpen.

Gelukkig komt collega Constance net op dat moment aangelopen. Eigenlijk is ze net vrij, maar ze biedt aan om de vrouw, die als volgende aan de beurt zou zijn, nog even te helpen. Dit tot grote opluchting van mij en het ruziënde stel.

Maar de andere mensen in de wachtkamer lijken wel een beetje beteuterd. Blijkbaar is het wachten nu opeens weer een heel stuk saaier geworden...


Nooit meer een blog missen? Volg me dan op Facebook!



maandag 12 september 2016

Een rare worm



Tijdens het telefonisch spreekuur:


"Goedemorgen, u spreekt met dierenarts Mique. Wat kan ik voor u doen?"

- "Mijn man heeft ringworm opgelopen, en van de huisarts moeten we nu onze huisdieren ook behandelen. Zijn jullie vanavond geopend? Want dan kom ik lang om wat ontwormings-tabletjes op te halen."

"Nou misschien kunt u beter even een afspraak maken, want..."

- "Een afspraak maken, is dat echt nodig? Want ik wil gewoon even iets tegen wormen ophalen. Dat kan toch gewoon aan de balie?"

"Dat klopt, maar..."

- "Okee, dan kom ik straks even langs voor wat tabletjes".

"Maar mevrouw, ringworm is geen worm. Het is een schimmelinfectie"

- "Oh..."


Nooit meer een blog missen? Volg me dan op Facebook!






maandag 29 augustus 2016

Eerlijkheid duurt het langst



Met haar zonnebril nog op stapt de vrouw mijn spreekkamer binnen. In haar kielzog heeft ze haar Labradoodle Duke en een dochtertje van een jaar of tien. Het meisje is nog niet binnen of ze roept uit: "Gadver! Het ruikt hier vies!" Ik wil uitleggen dat dat komt door de ontsmettingsmiddelen die we gebruiken. Maar daar krijg ik de kans niet voor, want ze wijst naar mij en gaat verder: "Jij hebt een streep op je voorhoofd, en je haar zit stom."

Een beetje verbouwereerd werp ik een blik in het weerspiegelende raam . Ik zie dat het operatiemutsje van daarnet inderdaad een afdruk op mijn voorhoofd heeft achtergelaten en tevens ervoor heeft gezorgd dat mijn haar een beetje warrig oogt.

Haar moeder kijkt bijna vertederd naar haar dochter en zegt dan tegen mij. "Is het niet héérlijk hoe oprecht en eerlijk kinderen kunnen zijn?" Ik heb daar zo mijn eigen gedachten over maar besluit het maar zo te laten en me op mijn patiënt te richten.

Wanneer ik haar vraag om hond Duke op tafel te tillen, richt de vrouw zich tot de assistente die toevallig iets in de spreekkamer komt pakken en zegt: "Kun jij dat niet even doen? Duke is in de rui en dit is een vrij kostbare jas". Ik werp de assistente een veelbetekenende blik toe als we samen de hond op tafel zetten.

Gelukkig voor Duke is er niet veel aan de hand. Hij schuurde al een tijdje met zijn kont over de grond en dat blijkt het gevolg van overvolle anaalklieren. Een probleem wat ik gelukkig snel verholpen heb.

De vrouw is erg opgelucht met deze diagnose, ze vertelt me dat ze bang was dat hij last van wormen had. Ik wil net vertellen dat wormen bij de hond zelden jeuk veroorzaken, als haar dochter tussenbeide komt en zegt "Ja, net zoals wij laatst thuis allemaal last van wormpjes hadden, he mam!"

De vrouw heeft haar zonnebril nog steeds op, maar ik voel dat ze haar dochter vernietigend aankijkt. Ik vrees dat ze de eerlijkheid en oprechtheid van haar kind op dit moment een stuk minder waardeert.


Nooit meer een blog missen? Volg me dan op Facebook!










maandag 15 augustus 2016

De collega dierenarts



Volgens mijn agenda is de volgende patiënt een oudere kat genaamd Lizzy. Als reden voor de afspraak heeft de assistente genoteerd 'Eigenaar vindt de kat de laatste tijd wat rustiger'.

Dat blijkt een understatement te zijn. Wanneer ik de oudere man de spreekkamer binnenroep, draagt hij een kartonnen doos met daarin de kat. Routinematig werp ik een eerste blik op mijn patiënt en schrik een beetje van wat ik zie. Want de kat ligt zo goed als levenloos in de doos. Het is dat ik nog de ademhaling zie, want anders had ik gedacht dat ze al dood was.

Als ik kat Lizzy voorzichtig uit de doos til om haar te wegen, doet ze eventjes haar ogen open. Maar als ik haar op de behandeltafel zet, zakt apathisch ineen en blijft lusteloos op de tafel liggen. Je hoeft geen dierenarts te zijn om te zien dat hier iets helemaal mis is.

Om erachter te komen wat er aan de hand is, begin ik met een grondig lichamelijk onderzoek en ondertussen stel ik de eigenaar allerlei vragen over Lizzy. Op mijn vraag wanneer ze voor het laatst gevaccineerd is, antwoordt hij dat hij de kat een half jaar geleden nog zelf gevaccineerd heeft. "Maar dat kan helemaal niet." zeg ik een beetje ongelovig. "Alleen dierenartsen mogen dieren vaccineren."

Als hij vervolgens vertelt dat hij zelf dierenarts is, valt mijn mond open van verbazing. De man is ver in de zeventig en niet meer werkzaam in de praktijk. Maar zeker iemand die jaren als dierenarts heeft gewerkt, had toch al eerder moeten inzien dat er iets totaal niet goed gaat met zijn huisdier.

Als ik even later sta te wachten op de uitslag van Lizzy's bloedonderzoek, vertel ik vol ongeloof het verhaal aan een van de assistentes. Die kijkt een beetje bedenkelijk en zegt dan: "Ik heb het idee dat ik dit verhaal al een keer eerder heb gehoord. Dat ging ook over een oude dierenarts wiens dier meer dood dan levend was."

Ik loop naar de dichtstbijzijnde computer en zoek in het patiëntensysteem. "Je hebt gelijk!" zeg ik vol verbazing tegen de assistente. De eigenaar van Lizzy is ruim een jaar geleden bij mijn collega geweest met zijn Yorkshire terriër. In het verslag lees ik dat de hond er destijds zo slecht aan toe was dat we hem direct hebben laten inslapen.

Voor Lizzy blijkt de situatie helaas niet veel beter. Wanneer het bloedonderzoek klaar is blijkt ze in een zeer vergevorderd stadium van suikerziekte te verkeren. Ik bespreek de uitslag met haar eigenaar en leg uit dat we met een intensieve therapie misschien nog iets voor haar kunnen betekenen, maar dat ik haar kansen gering inschat.

Dan vertelt de bejaarde man over hoe hij in zijn eentje de zorg draag voor zijn terminaal zieke broer. En dat hij daardoor misschien wel wat te laat doorhad hoe slecht zijn kat er eigenlijk aan toe was.

Hoewel het de situatie voor mij niet goed praat, verheldert het voor mij wel een hoop. Het is een trieste situatie die alleen maar verliezers kent.

Nooit meer een blog missen? Volg me dan op Facebook!






zondag 31 juli 2016

Privé chauffeur



De normaal altijd zo vrolijke Teckel Takkie is vandaag een beetje uit zijn doen. Vanochtend maakte hij een ongelukkige misstap bij een stoepje en gaf een enorme gil. Sindsdien kan hij zijn achterpoten niet meer bewegen.

Na een uitgebreid lichamelijk onderzoek hebben we zeer gegronde vermoedens dat het hier om een acute hernia gaat. Ik bespreek de opties met de man, en al snel beslist hij dat hij Takkie wil laten opereren.

Dat is niet bepaald een operatie die wij op de praktijk kunnen uitvoeren. De teckel moet hiervoor naar een specialistenkliniek. Wanneer ik contact opgenomen heb met het specialistencentrum, krijg ik gelukkig al gauw groen licht. Maar wanneer ik dit aan Takkie's eigenaar vertel, blijkt er een probleem te zijn.

"Ik heb net met mijn werk gebeld, en ik kan echt geen vrij nemen. We zijn bezig met een groot project en mijn baas kan niemand missen. En ik heb geen familie in buurt die 'm zou kunnen brengen." Wanneer we de teleurstelling in zijn ogen zien, komt ons hele team in actie. De assistentes bellen zich een ongeluk, maar het lijkt erop dat we niemand kunnen vinden om Takkie naar de specialistenkliniek te brengen.

"We kunnen de taxicentrale nog proberen?" oppert een van mijn assistentes. En onder het mom 'niet geschoten is altijd mis' bellen we het locale taxibedrijf. De man aan de andere kant van de lijn denkt in eerste instantie dat we een grap met hem uithalen. Maar als hij uiteindelijk door heeft dat we bloedserieus zijn, horen we hem even nadenken voordat hij zegt: "Okee, is goed. Voor 150 euro willen we dat wel doen."

De eigenaar van Takkie hoeft geen moment na te denken over dit voorstel. "Doen!" zegt hij kordaat. Hij overhandigt ons het geld voor de taxi, geeft zijn hond nog knuffel en vertrekt dan gehaast naar zijn werk.

Nog geen tien minuten later staat de taxi voor de deur van onze kliniek. De taxi-chauffeur staat wel vreemd te kijken wanneer de assistente de bench met Takkie op de achterbank van de auto plaatst. Dan moet hij lachen en zegt: "In de dertig jaar dat ik op de taxi zit heb ik veel meegemaakt, maar ik ben nog nooit privé-chauffeur voor een hond geweest!"


Nooit meer een blog missen? Volg me dan op Facebook!




maandag 18 juli 2016

De 'zwerfkat'



"Dat is een vervelend abces" zeg ik tegen de eigenaar van de zwart-witte kater. Op zijn wang heeft hij een bloederige wond als gevolg van een open gesprongen bijt-abces. Het ziet er naar uit, maar gelukkig is het goed te behandelen.

"Kan het trouwens kloppen dat we deze kat nog nooit gezien hebben? Ik kan 'm niet in ons patiënten-systeem vinden." vraag ik de man. Hij legt uit dat het een zwerfkat is die al jaren in de buurt rondloopt. Wat me een beetje verbaast, want voor een zwerfkat ziet hij er wel vrij verzorgd en goed doorvoed uit.

Ik heb een gevoel dat hier iets niet helemaal klopt, maar ik kan er niet precies de vinger op leggen. "Okee, dan zet ik hem wel even in de computer als 'zwerfkat', aangezien hij geen naam heeft." besluit ik dan maar. "Maar papa, hij heet toch gewoon Billy?" hoor ik zijn dochtertje zachtjes tegen hem fluisteren. Met een veel betekenende blik maant de man zijn dochter tot stilte. Mijn gevoel dat hier iets niet helemaal in de haak is, wordt alleen maar sterker.

Nadat ik het onderzoek heb afgerond, stel ik een behandeling met antibiotica en pijnstillers voor. Het feit dat de kat tweemaal daags medicatie moet krijgen, lijkt voor de man geen enkel bezwaar te zijn. Hoewel mij dat best lastig lijkt, zo bij een zwerfkat die maar af en toe aan komt lopen. Ik besluit me er niet al te druk over te maken. Toch mooi als mensen zoveel moeite voor een zwerfkat willen doen?

Het is druk in de praktijk en de assistentes zijn allemaal bezig. Dus ik besluit zelf even mee te lopen naar de balie om de medicatie af te geven en af te rekenen. Dan komt opeens de aap uit de mouw. "Betalen?" vraagt de man. "Maar het is toch een zwerfkat! Waarom moet ik daarvoor betalen, jullie houden toch van dieren?"

Dat bedenk ik opeens dat ik iets bijzonder essentieels ben vergeten te checken. Ik sprint naar de spreekkamer en kom terug met de chipreader. Op het moment dat het apparaat in de buurt van de kat zijn nek komt, klinkt er een kort bliepje.

"Oh kijk, hij heeft een chip!" zeg ik. Terwijl ik het nummer in de databank opzoek, hupt de man nerveus van zijn ene op zijn andere been. Enkele seconden later verschijnen de gegevens in mijn scherm en valt alles op zijn plaats. Deze 'zwerfkat' heet namelijk Billy en staat geregistreerd in deze stad. En laat het telefoonnummer nou overeen komen met dat van deze man. Waarschijnlijk was hij even vergeten dat de kat als kitten ooit ergens anders gechipt is. Wanneer ik hem hiermee confronteer weet hij niet hoe snel hij het verschuldigde bedrag moet pinnen en stormt snel de praktijk uit.


Nooit meer een blog missen? Volg me dan op Facebook!






maandag 4 juli 2016

Naamsverwarring





Als ik op de klok kijk, zie ik dat mijn vorige consult flink is uitgelopen. Tijd om uitgebreid de gegevens van de volgende patiënten te bekijken heb ik niet, dus werp ik snel een blik in de agenda om te zien wie mijn volgende patiënt is. Volgens het programma krijg ik eerst hond FrouFrou voor de vaccinatie, gevolgd door een hond met braakklachten genaamd Tarzan.   

Wanneer ik de wachtkamer in loop, zie ik een een wat oudere dame met een klein pluizig wit Maltezertje op haar schoot. Iets verderop zit een forse Rottweiler, geflankeerd door een grote man met een zwart leren jack. Zijn jack is bezaaid met metalen studs, net als de halsband van zijn hond.

Ik loop richting de mevrouw en zeg: "Sorry dat u even moest wachten, maar kom verder met Froufrou." De vrouw kijkt me verbaasd aan en zegt dan: "Maar dit is FrouFrou niet hoor." Verbaasd kijk ik de wachtkamer rond of ik niemand over het hoofd heb gezien. Dan staat de man met het leren jack op, wijst naar zijn grote hond en zegt: "Mevrouw! Dít is FrouFrou."



Nooit meer een blog missen? Volg me dan op Facebook!